Reactiviteit… het geleidelijk herstellen van het vertrouwen

Wanneer een hond angstig of agressief (meestal vanuit angst of onzekerheid) reageert op zaken, mensen of andere dieren, is het belangrijk dat u werkt aan het wegnemen van de overgevoeligheid voor die prikkels.

U moet die overgevoeligheid wel echt stapje voor stapje verminderen. Oftewel: U gaat in een kalm tempo werken aan het geleidelijk herstellen van het vertrouwen.

Daarbij maakt u gebruik van het feit dat een hond uit zichzelf een verband legt tussen een gebeurtenis en de, negatieve of positieve, gebeurtenis die daar onmiddellijk op volgt.

Dat leggen van verbanden is iets dat de hond elke minuut van zijn wakkere tijd doet.

Download dit artikel als PDF

Voorbeeld van het leggen van negatieve verbanden

Dibbes wandelt op zijn gemak naast de baas door het park. Er is geen vuiltje aan de lucht, tot er plots een onbekende geur de neus van Dibbes binnenkomt. Hij blijft alert staan.

Het baasje van Dibbes bemerkt de reactie, kijkt op en zegt: “Oh shit, het is die vervelende rothond van de buren”. Onmiddellijk is het luchtige ontspannen gevoel verdwenen. De baas rukt stevig aan de riem om Dibbes van te voren te corrigeren en onder controle te krijgen. De halsband snijd gemeen in de nek van Dibbes.

Dibbes legt het volgende verband: “Als ik dat rotbeest zie, dan draait mijn baasje door en doet mijn nek pijn. Dus, rothond zien = slecht nieuws = een ruk aan mijn nek = hoogst vervelend en pijnlijk”.

Veel van de lijn reactiviteit die we bij honden tegenkomen, komen voort uit dergelijke situaties. De uitvallende hond zegt al het ware tegen de andere hond: “Maak dat je weg komt. Mijn baasje gedraagt zich zo maf als er een vreemde hond in de buurt komt. Dus donder op en snel een beetje, want anders ik krijg op mijn sodemieter”.

Voorbeeld van het leggen van positieve verbanden

Dibbes wandelt op zijn gemak naast de baas door het park. Er is geen vuiltje aan de lucht, tot er plots een onbekende geur de neus van Dibbes binnenkomt. Hij blijft alert staan.

Het baasje van Dibbes bemerkt de reactie, kijkt op en zegt vrolijk: “Hé kijk daar eens Dibbes, een vreemde hond. Hier heb je iets lekkers… en nog iets lekkers… en nog iets lekkers… en nog iets lekkers, etc.”. Dibbes legt het volgende verband: “Als ik dat vreemde beest tegenkom, wordt mijn baas opeens zo vrolijk. Ik krijg allemaal lekkere hapjes. Wat geinig.

Dus, een vreemde hond zien = goed nieuws = vrolijkheid en lekkers = te gek”.

Dit gegeven is enorm belangrijk bij het trainen van uw hond.

Hoe kunt u het gegeven over het leggen van positieve of negatieve verbanden gebruiken om bij uw hond een overgevoeligheid weg te nemen voor mensen, andere honden, kinderen, objecten, geluiden, etc.?

U laat de hond gewoon stapje voor stapje wennen aan het onderwerp van zijn angst en veranderingen in die omgevingen.

Hoe gaat u dat doen?

Iets in het verleden heeft er voor gezorgd dat een hond onzeker, timide, schrikkerig, angstig of agressief reageert op zaken, mensen of andere dieren. Dat iets kan echt van alles zijn. Denk aan onvoldoende socialisatie, onvoldoende training of (zoals in het eerste voorbeeld) nare ervaringen. Wanneer een hond op welke manier dan ook reageert op zaken, mensen of andere dieren, zult u echt moeten werken aan het wegnemen van de overgevoeligheid voor die prikkels.

Neem veel tijd om de hond met lekkers, complimentjes, knuffels en positieve feedback te geven, op het moment dat de prikkel die de angst of onzekerheid veroorzaakt aanwezig is. Deze prikkel dient dan wel op zo´n manier aanwezig te zijn, dat uw hond er nog niet angstig van wordt.

  • Dus een voorwerp, een ander dier of een mens waar de hond angstig of onzeker op reageert, op een veilige (grote) afstand.
  • Of een beangstigend geluid op een heel laag volume.

Stapje voor stapje

U confronteert de hond dus met datgene waar hij overgevoelig voor is, maar op een heel laag niveau. Dit niveau wordt heel langzaam opgeschroefd. Dat wil zeggen:

  • Beetje bij beetje komt het “gevaar” langzaam dichterbij.
  • Of beetje bij beetje komt er steeds wat meer beweging in.
  • Of het voor de hond beangstigende geluid wordt beetje bij beetje iets luider gemaakt.

U helpt de hond een om een positief verband te leggen met allerlei soorten prikkels. Het belonen van het goede gedrag (het niet tonen van angst) versterkt dit proces.

Hier volgen wat voorbeelden:

Voorbeeld 1. De hond is angstig voor mannen.

Stel dat uw puppy of hond bang geworden is van mannen.

In plaats hem te voeren in zijn bak, neemt u al zijn brokjes mee tijdens de wandeling. U gaat naar een rustige plek waar wat mensen langskomen. U gaat daar met hem op een bankje zitten en elke maal als er een man langs komt, geeft u de hond een brokje. U gaat een week lang, stapje voor stapje, steeds naar een iets drukkere plek om dit te doen.

De tweede week vraagt u aan een aantal van de voorbijkomende mannen: “Zou u misschien mijn hond wat brokjes willen geven? Hij is nog wat angstig voor grote mannen.” Binnen de kortste keren legt de hond een positief verband tussen mannen en voedsel.

Voorbeeld 2. De hond is handschuw

Stel dat uw hond handschuw is en wegduikt op het moment dat u met uw hand een aai over zijn kop wil geven.

Als hij gevoelig is voor het aanraken zijn kop, begin dan met het aanraken van het verst daarvan verwijderde lichaamsdeel en geef hem na elke aanraking een brokje. Puntje van de staart… één brokje. Iets verderop de staart… één brokje. Bij de aanzet van zijn staart… één brokje. Op zijn kont… twee brokjes. Iets verderop zijn rug… twee brokjes en iets extra lekkers. Des te dichter u in de buurt komt van zijn kop, des te betere beloningen geeft u.

LET OP: Ga niet in één keer door naar zijn kop. Als u halverwege zijn rug bent, begint u weer met het puntje van zijn staart… één brokje, etc.

Herhaal dit proces een groot aantal malen. Met wat geduld en voldoende beloningen kunt u uiteindelijk zijn kop aanraken.

Voorbeeld 3. De hond is reactief naar andere honden

Mijn hond valt uit naar andere hondenAls uw hond timide, angstig of agressief reageert op andere honden, confronteer hem dan met een hond op 25 a 30 meter afstand. Zorg dat u uw hond niet vasthoudt, maar dat hij ergens aan vastgebonden zit.

Laat de andere hond tevoorschijn komen, zeg: “Hé kijk, een hond”, doe vrolijk, maak desnoods een raar dansje en voer uw hond. Als de andere hond weer verdwijnt, stopt u het voeren en blijft u als een standbeeld staan. Als de hond weer tevoorschijn komt, zegt u opnieuw: “Hé kijk, een hond” en doet u weer vrolijk en voert u uw hond weer lekkere zaken tot de andere hond weer uit zicht is. U veranderd weer in een standbeeld.

Na een stuk of wat herhalingen is uw hond nog steeds niet gek op andere honden, maar wel op uw reactie als er een andere hond in zicht komt.

Voorbeeld 4. Angst voor kinderen

Stel dat een hond overgevoelig is voor kinderen.

Soms heeft een negatieve ervaring in het verleden er voor gezorgd dat de hond een verband heeft gelegd tussen kinderen en die negatieve ervaring, maar dat hoeft niet perse.

Het is vaak gewoon het effect dat kinderen op honden hebben met hun reacties en hoge stemmetjes.

Stitch went aan kinderenOnze eigen Labrador Stitch had dat. Als er kinderen in de buurt kwamen, liep hij weg als hij los liep en aan de lijn maakte hij zich klein. Hij voelde zich duidelijk ongemakkelijk in de buurt van kinderen.

Daar niets aan doen, is aansturen op rottigheid, want er is een kans dat hij zich op een bepaald moment zo bedreigd voelt dat hij wegvlucht of (erger) zich ingesloten voelt en uitvalt. Een paar rustige kinderen in de buurt hebben dat probleem helpen oplossen. Ik heb gevraagd of ze Stitch (onder mijn begeleiding) wat brokjes wilden geven.

Kinderen werden na verloop van tijd voor Stitch een voorteken dat er lekkere brokjes kwamen. Stitch heeft zelf het verband gelegd: Hmm kinderen = brokjes = oké, leuk.

Nu was het in het geval van Stitch allemaal heel makkelijk.

Hij voelde zich ongemakkelijk bij kinderen, maar niet spookbenauwd. Dus kinderen konden hem zelf met wat voer een beter gevoel over kinderen bezorgen. Een echt angstige hond neemt hoogstwaarschijnlijk geen voer aan en zeker niet van degene waar hij bang voor is.

Als uw hond afstandelijk, angstig of op een andere manier reageert op kinderen, voer dan de hond met de hand op een veilige (en daarmee bedoel ik echt een enorme) afstand van een schoolplein met spelende kinderen Het lawaai dat de spelende kinderen maken, moet slechts een soort zachte ruis op de achtergrond zijn. En dat doet elke dag terwijl u per dag geleidelijk een beetje dichter in de buurt van het schoolplein bent.

LET OP: Het aanbieden van iets lekkers, in situaties waar de hond oorspronkelijk bezorgd over was, is iets dat u altijd moet blijven doen. Als u ermee stopt, verliest het zijn waarde. U stopt immers ook met werken als u uw maandsalaris niet gestort krijgt.

Stitch reageerde als jonge hond tijdens zijn avondwandeling gespannen op naderende mensen in het donker. Vooral jonge mannen met petjes en capuchons, zorgde ervoor dat hij blafte.

Op de bovenbeschreven manier is hij over dat gedoe heen gekomen. Stitch is inmiddels vier jaar en nog steeds geef ik hem een complimentje en een brokje als hij zonder een reactie te geven voorbij loopt aan de voor hem bedreigende prikkel. Deze manier van positieve verbanden leggen, verliest zijn waarde als u stopt met iets goeds te geven na de prikkel.

Reactiviteit voorkomen

De voorgaande voorbeelden betroffen honden die al reactief waren. Veel beter is het natuurlijk om de problemen voor te zijn. De best denkbare preventie, bestaat uit het socialiseren van de hond met andere honden, andere dieren, met mensen en dan met name kinderen en mannen, gedurende de eerste drie a vier maanden van zijn leven.

Zeker als het een pupje betreft, maar ook als u een oudere hond uit een opvangsituatie heeft, zijn er een aantal momenten waarop het van belang is om reactiviteit te voorkomen: Als u visite ontvangt, als u met hem gaat wandelen en als u met hem naar een uitlaatgebied of hondentraining gaat.

Ook als de pup of de nieuw verworven volwassen hond goed reageert in dat soort situaties, doet de eigenaar er goed aan om dat sociale gedrag niet als iets vanzelfsprekends aan te nemen.

Als u visite ontvangt

Laat elke bezoeker die op visite komt uw hond een paar brokjes geven. Zelfs al heeft u een pupje dat op dit moment een toonbeeld van sociaal gedrag is. Als u nu niet deze voorzorgsmaatregel neemt, loopt u een stevige kans dat hij afstandelijker of zelfs asociaal wordt als hij ouder wordt. Neem alstublieft zijn geweldig sociale gedrag niet voor iets vanzelfsprekends. Laat dus elke bezoeker een paar brokjes aan uw pupje of hond geven.

Dan zal de hond echt gaan uitkijken naar bezoek.

Als u met hem gaat wandelen

De meeste mensen lopen snel met hun honden door de omgeving. Er gebeurd teveel rond de hond om het allemaal te kunnen verwerken. Mensen, kinderen met ballen en skateboards, leuke of beangstigende andere honden, andere dieren, lawaai en geurtjes en ga zo maar door. De hersenen van de hond raken overgestimuleerd. In plaats van aandacht voor de eigenaar te hebben, wordt de hond reactief of overactief.

Als u met de hond gaat wandelen, las dan elke 25 meter een stop in. Laat de hond dan rustig de tijd nemen om te kijken, te luisteren of te snuffelen. U zegt niets. U wacht tot de hond uit zichzelf oogcontact met u maakt (u wilt immers zijn aandacht). U zegt: “Goed zo”, u zegt dan vervolgens: “Ga je mee?” en wandelt weer 25 meter door. U herhaalt deze cyclus tot de hond naar u kijkt elke maal dat u stopt.

Tijdens de wandeling gaat u twee of drie keer ergens rustig op een bankje zitten en wacht u tot de hond alles heeft onderzocht, aan de omgeving gewend is en rustig wordt. Zelfs als de hond angstig is, dan verschuilt hij zich misschien een beetje, maar hij kijkt om zich heen. Geef de hond elke maal als er in de omgeving iets veranderd, wat voer.

Geef bijvoorbeeld een brokje als er in de verte een persoon langs komt, geef hem twee brokjes als dat een man is en iets extra lekkers als het een kind is en veel extra lekkers als het een kind op een fiets of een skateboard is.

Als u hiermee doorgaat, is de hond minder en minder geneigd om op een negatieve manier te reageren op angstige zaken in zijn omgeving en zal hij niet de neiging hebben om te grommen, te happen en uitvallen naar mensen en honden in zijn omgeving.

Als u met hem naar een uitlaatgebied of hondentraining gaat.

Voor de opgroeiende of jong volwassen hond, kunnen uitlaatgebieden en trainingsklasjes behoorlijk beangstigende ervaringen zijn. Geef de hond eerst de kans om tot rust te komen. Geef de hond voor dat u hem loslaat of u begint met trainen, eerst de kans aan de omgeving te wennen en wacht tot hij op zijn gemak lijkt te zijn.

Biedt hem zo nu en dan een brokje aan. Als hij zich op zijn gemak voelt, zal hij het brokje aannemen en begint hij aandacht voor u te hebben.

Het maakt niet uit hoe hij zich gedraagt. U blijft brokjes aanbieden; het maakt niet uit of hij zich probeert te verstoppen om de kat uit de boom te kijken, aan het blaffen of grommen is of zelfs hapt en uitvalt. Blijf brokjes aanbieden zodat hij een positief verband gaat leggen met het klasje, de andere honden, de trainer en de andere mensen.

Laten we dit voer aanbieden tijdens het uitvallen, happen en blaffen eens nader bekijken. Wij bieden voer aan, maar de hond weigert het aan te nemen en blijft blaffen en uitvallen.

Uiteindelijk, als de hond zichzelf moe geblaft heeft en het voer ruikt, zal hij zich van de andere hond afwenden en het voer aanpakken. Het aannemen van het voer bekrachtigt dan dus het niet blaffen en uitvallen van de hond.

Nogmaals de feiten over het belonen

Om effectief te zijn, dient een beloning binnen drie seconden gegeven te worden. Binnen 1 sec. is 100% effectief. Binnen 2 sec. ± 60% tot 70% en binnen 3 sec. ± 20% tot 30% effectief. Na drie seconden is het belonen zinloos, want dan beloont u voor iets anders.

Het is dus niet zo dat u de hond beloont voor het grommen, blaffen en uitvallen

Integendeel, het brokje beloont het stoppen met grommen, blaffen en uitvallen en het omdraaien naar de eigenaar. Hij zal ook steeds sneller stoppen met dat gedoe. Na een paar dozijn herhalingen, zal de hond een positief verband tussen het zien van andere honden en de brokjes. “Ik vind het geweldig als andere honden in de buurt komen, want dan wordt ik door mijn baasje gevoerd”

Reacties

, ,